FWO-charter Deugdelijk Bestuur
Goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 22 juni 2011
1. PRINCIPES EN AANBEVELINGEN INZAKE DEUGDELIJK BESTUUR VOOR EXTERN
VERZELFSTANDIGDE AGENTSCHAPPEN
Het FWO onderschrijft
onderstaande principes inzake deugdelijk bestuur voor extern verzelfstandigde
agentschappen. Deze principes werden onder de koepel van MOVI en in
samenwerking met Guberna, het Instituut voor Bestuurders opgesteld.
Principes
PRINCIPE 1: De overheid gedraagt zich als een
actieve en geïnformeerde aandeelhouder en ontwikkelt een duidelijke en
consistente eigenaarstrategie ten aanzien van haar extern verzelfstandigde
agentschappen.
PRINCIPE 2: De Raad van Bestuur van ieder
extern verzelfstandigd agentschap beschikt over de nodige autonomie,
competenties en objectiviteit om zijn verantwoordelijkheden inzake strategische
sturing en controle van het uitvoerend management te kunnen uitvoeren.
PRINCIPE 3: De Raad van Bestuur van ieder
extern verzelfstandigd agentschap wordt op een professionele manier samengesteld
met de nodige aandacht voor diversiteit en complementariteit.
PRINCIPE 4: De Raad van Bestuur van ieder
extern verzelfstandigd agentschap kwijt zich op een doeltreffende en
efficiënte manier van zijn taken en levert zodoende een waardevolle
bijdrage tot de realisatie van de doelstellingen van het agentschap.
PRINCIPE 5: De Raad van Bestuur van ieder
extern verzelfstandigd agentschap richt gespecialiseerde comités op die
de raad bijstaan in de uitvoering van zijn taken.
PRINCIPE 6: Ieder extern verzelfstandigd
agentschap beschikt over een professioneel en geresponsabiliseerd uitvoerend
management dat instaat voor de operationele leiding van het agentschap.
PRINCIPE 7: Ieder extern verzelfstandigd
agentschap waarborgt een passende openbaarmaking van de principes inzake
deugdelijk bestuur die worden nageleefd.
2. DOELSTELLING FWO-CHARTER DEUGDELIJK BESTUUR
Via dit charter wil het FWO
aantonen hoe zij invulling geeft aan de principes van deugdelijk bestuur voor
extern verzelfstandigde agentschappen.
3. CHARTER DEUGDELIJK BESTUUR
PRINCIPE
1: De overheid
gedraagt zich als een actieve en geïnformeerde aandeelhouder en ontwikkelt
een duidelijke en consistente eigenaarstrategie ten aanzien van haar extern
verzelfstandigde agentschappen.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe ?
1.
Een geïntegreerde eigenaarstrategie
De missie en taken
van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen, hierna FWO
genoemd, staan verwoord in het decreet van 30 april 2009 betreffende de
organisatie en financiering van het wetenschaps- en innovatiebeleid, in de
statuten en in de beheersovereenkomst tussen de Vlaamse regering en het FWO
2002-2007. Deze beheersovereenkomst eindigt wanneer een nieuwe
samenwerkingsovereenkomst in werking treedt (addendum 15 bij de beheersovereenkomst
2002-2007). Op basis van dit decreet neemt de Vlaamse Regering deel aan de
privaatrechtelijke stichting van openbaar nut FWO. Het FWO wordt hierbij erkend
als een privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap zoals
vermeld in artikel 29 van het kaderdecreet bestuurlijk Beleid van 18 juli 2003.
Het globaal
raamwerk m.b.t. de eigenaarstrategie wordt vermeld in het decreet van 30 april
2009 betreffende de organisatie en financiering van het wetenschaps- en
innovatiebeleid en de beheersovereenkomst van 28 mei 2004.
De identiteit van de overheid als
eigenaar is de Vlaamse regering, zoals vermeld wordt in het decreet van 30
april 2009 en in dit Charter.
De Vlaamse
regering is de overheid waarmee het FWO een overeenkomst heeft afgesloten. De
Vlaamse regering wordt vertegenwoordigd door de Vlaamse minister bevoegd door
Wetenschap en Innovatie, die namens de regering de samenwerkingsovereenkomst
ondertekent, en de Vlaamse minister voor de financiën en de begroting.
De Vlaamse
Regering stelt bij het FWO twee regeringsafgevaardigden aan. Eén
regeringsafgevaardigde wordt aangesteld op voordracht van de Vlaamse minister
onder wie het FWO ressorteert, en één regeringsafgevaardigde
wordt aangesteld op voordracht van de Vlaamse minister voor de financiën
en de begroting. De regeringsafgevaardigde die aangesteld is op voordracht van
de Vlaamse minister onder wie het FWO ressorteert, houdt toezicht op de
overeenstemming van de aanwending van de verstrekte toelage, met het recht, met
de statuten van het FWO en met de samenwerkingsovereenkomst. De
regeringsafgevaardigde die aangesteld is op voordracht van de Vlaamse minister
bevoegd voor de financiën en de begroting, oefent dezelfde toezichtfunctie
uit als de regeringsafgevaardigde die aangewezen is op voordracht van de
bevoegde minister onder wie het FWO ressorteert, inzake de beslissingen met een
budgettaire of financiële weerslag.
De
beleidsobjectieven, evaluatiecriteria en middelen van het FWO staan verwoord in
de samenwerkingsovereenkomst Vlaamse regering – FWO, alsook de
rapportering en controle die met de overeenkomst gepaard gaan.
De basisprincipes inzake
deugdelijk bestuur die door het agentschap worden gerespecteerd, zijn terug te
vinden in onderhavig charter.
De Vlaamse
overheid, als aandeelhouder, kan haar stemrecht uitoefenen via de twee
gecoöpteerde leden in de Raad van Bestuur, m.n. twee ambtenaren-generaal
van de Vlaamse overheid. Deze worden aangesteld met instemming van de Vlaamse
regering en zijn volwaardig stemgerechtigd lid van de Raad van Bestuur en van
het Bureau van de Raad van Bestuur.
2.
Samenwerkingsovereenkomst
Het FWO
sluit een samenwerkingsovereenkomst af met de Vlaamse regering op basis van
artikel 31 van het kaderdecreet bestuurlijk beleid van 18 juli 2003. Op dit ogenblik
loopt de beheersovereenkomst 2002 – 2007. Deze beheersovereenkomst
eindigt wanneer een nieuwe samenwerkingsovereenkomst in werking treedt
(addendum 15 bij de beheersovereenkomst 2002-2007). Deze beheersovereenkomst
bevat de parameters voor de opvolging van de werking van het FWO.
Zoals voorzien in dit Charter en
in artikel 22 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de organisatie en
financiering van het wetenschaps- en innovatiebeleid zal het FWO m.b.t. de
toepassing van de principes deugdelijk bestuur verantwoording afleggen in het
jaarverslag en bij de vijfjaarlijkse evaluatie van de algemene werking van het
FWO.
3. De overheid als actieve
aandeelhouder
Volgens zijn
statuten wordt het FWO bestuurd door een Raad van Bestuur met onder zijn
gecoöpteerde leden twee ambtenaren-generaal van de Vlaamse Overheid,
aangesteld met de instemming van de Vlaamse Regering en één tot
de Nederlandse taalrol behorend Hoofd van een Wetenschappelijke
Overheidsinstelling. Deze gecoöpteerde leden zijn volwaardige stemgerechtigde
leden van de Raad van Bestuur. De betrokken ambtenaren-generaal zijn
traditioneel ook lid van het Bureau van het FWO.
Tevens stelt de
Vlaamse regering twee regeringsafgevaardigden aan. Eén wordt aangesteld
op voordracht van de Vlaamse minister onder wie het FWO ressorteert en
één wordt aangesteld op voordracht van de Vlaamse minister
bevoegd voor de financiën en de begroting. De regeringsafgevaardigden of de
plaatsvervangers zitten met raadgevende stem in de Raad van Bestuur en in de
door de Raad van Bestuur ingestelde bestuursorganen met inbegrip van het Auditcomité
van het FWO. Ze worden uitgenodigd op alle vergaderingen van die
bestuursorganen en worden op dezelfde manier als de leden tijdig in kennis
gesteld van de dagorde en alle bijbehorende documenten. De regeringsafgevaardigde
is gemachtigd om zich alle documenten en inlichtingen met betrekking tot het
bestuur van het FWO, die hij of zij nodig acht voor de uioefening van zijn
mandaat, te doen verstrekken.
De regeringsafgevaardigde of zijn
of haar plaatsvervanger kan bij de minister onder wie het FWO ressorteert,
binnen een termijn van vier werkdagen een gemotiveerd beroep instellen tegen
elke beslissing inzake de aanwending van de verstrekte toelage die hij of zij
strijdig acht met het recht, met de statuten van het FWO, met de
samenwerkingsovereenkomst en met de beginselen inzake behoorlijk bestuur. Het
beroep is opschortend. De termijn gaat in op de dag van de vergadering waarop
de beslissing genomen werd, als de regeringsafgevaardigde daarop regelmatig
uitgenodigd werd, en, als dat niet het geval is, de dag waarop hij er kennis
van heeft gekregen. Als de minister bij het beroep dat werd ingesteld, binnen
een termijn van tien werkdagen, die ingaat op dezelfde dag als de reeds
vermelde termijn, de nietigverklaring niet heeft uitgesproken, wordt de
beslissing definitief. De nietigverklaring van de beslissing wordt door de
minister aan het bestuursorgaan in kwestie betekend.
Als inzake de aanwending van de
verstrekte toelage, de naleving van het recht, de statuten van het FWO en de
samenwerkingsovereenkomst het vereisen, kan de minister of de
regeringsafgevaardigde het bevoegde bestuursorgaan verplichten om, binnen de
door hem of haar gestelde termijn, te beraadslagen over iedere door hem of haar
bepaalde aangelegenheid.
Het vergoedingsbeleid van het
uitvoerend management wordt bepaald door de Raad van Bestuur. De Raad van
Bestuur richt zich op de modaliteiten, zoals die worden bepaald in het Besluit
van de Vlaamse regering van 13 januari 2006 houdende vaststelling van de
rechtspositie van het personeel van diensten van de Vlaamse overheid.
De statuten van het FWO en de
wijzigingen worden meegedeeld aan de Vlaamse regering.
4. Controlerende aandeelhouder met
respect voor de autonomie van de bestuursorganen
De Vlaamse Regering erkent het
FWO als het unieke loket in Vlaanderen voor de financiering van
kennisgrensverleggend fundamenteel wetenschappelijk onderzoek op basis van
interuniversitaire wetenschappelijk competitie (artikel 18 van de Beheersovereenkomst).
De autonome werking van het FWO wordt gewaarborgd in artikel 20 van de
Beheersovereenkomst.
PRINCIPE 2: De Raad van Bestuur
van ieder extern verzelfstandigd agentschap beschikt over de nodige autonomie,
competenties en objectiviteit om zijn verantwoordelijkheden inzake strategische
sturing en controle van het uitvoerend management te kunnen uitvoeren.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe?
Het is de
specifieke taak van de Raad van Bestuur het algemeen beleid van het FWO inzake
fundamenteel wetenschappelijk onderzoek uit te stippelen en de wijze waarop het
fundamenteel onderzoek gestimuleerd wordt te bepalen. Meer specifiek is de raad
bevoegd voor het bepalen van de actiemiddelen, het opstellen, het optimaliseren
en bewaken van de procedures qua selectie en evaluatie.
Het FWO is bij
koninklijk besluit van 20 januari 2006 erkend als stichting van openbaar nut.
Het FWO wordt door het decreet betreffende de organisatie en financiering van
het wetenschaps- en innovatiebeleid van 30 april 2009 erkend als een
privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap als vermeld in
artikel 29 van het kaderdecreet bestuurlijk Beleid van 18 juli 2003.
De Raad van Bestuur
is bevoegd om alle handelingen die nodig of dienstig zijn voor de verwezenlijking
van de missie en de taken van de FWO te verrichten. Het mandaat van de Raad van
Bestuur is duidelijk vastgelegd in de statuten.
De Raad van Bestuur
geniet de volheid van bestuursbevoegdheid.
Het Bureau van de Raad
van Bestuur, bestaande uit een aantal leden van deze raad, onderzoekt alle
aangelegenheden die aan de Raad van Bestuur zullen worden voorgelegd en doet
hieromtrent voorstellen. Het Bureau voert alle taken uit, die de raad het heeft
toevertrouwd.
De controlerol van
de Raad van Bestuur wordt voornamelijk ingevuld door het auditcomité.
Dit comité bestaat uit de voormalige voorzitter van de Raad van Bestuur
en twee onafhankelijke bestuurders, voornamelijk personen uit de bedrijfswereld
met voldoende expertise ter zake en onderzoekt de begroting, de rekeningen en
alle aspecten van de administratieve werking om de Raad van Bestuur te
informeren en de financiële risico’s te beperken.
De Raad van Bestuur
brengt aan de bevoegde overheid verslag uit over het gebruik van de toelagen
die hij heeft verleend. Hij voegt er een staat bij van de middelen van alle
aard, die voor het bereiken van de doelstellingen van de stichting werden
aangewend.
De
‘aandeelhouders’ in ruime zin zijn vertegenwoordigd in de Raad van
Bestuur. Alle formele documenten, met inbegrip van het beleidsplan en de samenwerkingsovereenkomst,
worden nu al steeds goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De
samenwerkingsovereenkomst wordt getekend door de voorzitter van de Raad van
Bestuur en de secretaris-generaal. Tevens wordt de samenwerkingsovereenkomst
jaarlijks door het uitvoerende management geëvalueerd en legt hierover
verantwoording af aan de Raad van Bestuur.
Zowel de huidige
beheersovereenkomst, als de nieuwe samenwerkingsovereenkomst erkent de
wetenschappelijke onafhankelijkheid van het FWO. Hierdoor wordt ieder vermoeden
van inmenging in de wetenschappelijke besluitvorming door de overheid, politiek
en administratie, ontkracht.
PRINCIPE 3: De Raad van Bestuur van ieder extern verzelfstandigd agentschap
wordt op een professionele manier samengesteld met de nodige aandacht voor
diversiteit en complementariteit.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe?
1. Samenstelling
De Raad van Bestuur bestaat uit:
- de rector van de Katholieke Universiteit Leuven, van de
Universiteit Gent, van de Vrije Universiteit Brussel, van de Universiteit
Antwerpen en een tweede vertegenwoordiger van elk van deze universiteiten;
- een rector in gemeenschappelijk overleg afgevaardigd door
de Universiteit Hasselt en de Katholieke Universiteit Brussel;
- de vast secretaris van de Koninklijke Vlaamse Academie van
België voor Wetenschappen en Kunsten
- de voorzitter van de Koninklijke Academie voor Geneeskunde
van België;
- negen leden gecoöpteerd voor een eventueel
hernieuwbare termijn van drie jaar, door de elf leden vermeld in de vorige
punten, met dien verstande dat onder deze gecoöpteerde leden
één tot de Nederlandse taalrol behorend Hoofd van een
Wetenschappelijke Overheidsinstelling voorkomt en twee ambtenaren-generaal
van de Vlaamse Overheid, aangesteld met de instemming van de Vlaamse
Regering, en één ambtenaar-generaal, van de Nederlandse
taalrol, behorend tot de administratie van de Federale Overheid, en
aangesteld met de instemming van de Minister van wie hij afhangt;
- de commandant van de Koninklijke Militaire School, als lid
met raadgevende stem;
- de regeringsafgevaardigden, als lid met raadgevende stem.
Bij de
samenstelling van de Raad van Bestuur wordt bijzondere aandacht besteed aan
representativiteit in functie van de verschillende belanghebbenden, m.n. de
Vlaamse overheid, het academische milieu en de maatschappij.
De statuten van het FWO werden
opgesteld met het oog op de aanwezigheid van onafhankelijke bestuurders.
Concreet zijn er negen gecoöpteerde leden, waarvan reeds vier
expliciet worden vermeld in de statuten, m.n. één tot de
Nederlandse taalrol behorend Hoofd van een Wetenschappelijke
Overheidsinstelling en twee ambtenaren-generaal van de Vlaamse overheid,
aangesteld met de instemming van de Vlaamse Regering, en één
ambtenaar-generaal, van de Nederlandse taalrol, behorend tot de administratie
van de Federale Overheid, en aangesteld met de instemming van de Minister van
wie hij afhangt. De andere gecoöpteerde leden worden geselecteerd op basis
van maatschappelijke representativiteit.
Een vacant mandaat van een
gecoöpteerd lid van de Raad van Bestuur wordt ingevuld door aanstelling,
hernieuwing van mandaat of vervanging van mandaat overeenkomstig artikel 5 van de
statuten.
De Raad van Bestuur
wordt in een jaarlijkse toerbeurt voorgezeten door één van de
volgende rectoren: de rector van de Katholieke Universiteit Leuven, de rector
van de Universiteit Gent, de rector van de Vrije Universiteit Brussel en de
rector van de Universiteit Antwerpen. Het ondervoorzitterschap wordt
uitgeoefend door een rector uit dezelfde groep. De volgorde van deze toerbeurt
wordt door de Raad van Bestuur vastgelegd.
In
artikel 2 van het reglement FWO – Expertpanels werd voorzien dat het
lidmaatschap van een FWO-Expertpanel onverenigbaar is met de functie van
rector, vice-rector of directeur/verantwoordelijke onderzoeksbeleid. Bijgevolg
kunnen deze leden van de Raad van Bestuur geen lid zijn van een
FWO-Expertpanel.
De FWO-Expertpanels hebben een essentiële rol in de werking
van het Fonds. Zij evalueren wetenschappelijk
de projectvoorstellen en formuleren voorstellen aan de Raad van Bestuur m.b.t.
het toekennen van mandaten en kredieten. De indeling, hun samenstelling
en hun werkwijze worden regelmatig onderzocht en zo nodig bijgestuurd. Deze
panels begeleiden het basisonderzoek in Vlaanderen in een continu proces van ex
ante, intermediaire en ex post evaluatie. Het is hun opdracht om, op basis van
hoogstaande en internationaal aanvaarde wetenschappelijke criteria, in hun
gebied via de selectie van aanvragen voor mandaten en kredieten het
wetenschappelijk onderzoek te bevorderen. Tevens bewaken ze de kwaliteit van
het door het FWO gefinancierde fundamenteel onderzoek.
2. Vergoeding van de bestuurder
De leden van de Raad van Bestuur
ontvangen ten laste van het FWO een forfaitaire vergoeding per zitting waarop
hij of zij aanwezig is. Deze forfaitaire vergoeding bedraagt 30 euro.
3. Onafhankelijke bestuurders
Onafhankelijkheidsvoorwaarden
Een onafhankelijk bestuurder
dient minstens aan volgende criteria te voldoen:
- Gedurende een periode van twee jaar voorafgaand aan zijn
of haar benoeming mag hij of zij bij het FWO geen mandaat van bestuurder
of uitvoerend management hebben uitgeoefend. Deze voorwaarde geldt
niet voor de verlenging van het mandaat van onafhankelijk bestuurder.
- Hij of zij mag geen echtgenoot of persoon met wie hij of
zij wettelijk samenwoont, of bloed- of aanverwanten tot de tweede graag
hebben die bij het FWO een mandaat van bestuurder heeft of behoort tot het
uitvoerend management van het FWO.
- Hij of zij mag geen directe of indirecte belangen hebben
in de door het FWO gefinancierde programma’s.
Deze
onafhankelijkheidsvoorwaarden moeten gedurende het volledige mandaat van de
onafhankelijke bestuurder vervuld blijven.
Profielschets
Voor een onafhankelijk bestuurder
van het FWO is volgend profiel wenselijk:
- Vervult een belangrijke rol in het maatschappelijk veld en
betekent daardoor een meerwaarde voor de missie van het FWO.
- Heeft een lange termijnvisie m.b.t. belangrijke
maatschappelijke evoluties.
- Heeft voldoende inzicht in de taken van een Raad van
Bestuur.
- Heeft ervaring als bestuurder en/of als bedrijfsleider.
- Ervaring in onderzoeksbeleid in een internationale context
is een pluspunt.
- Een goed inzicht in het Vlaams wetenschaps- en innovatiebeleid
in het algemeen, het fundamenteel wetenschappelijk onderzoek en de
rol van het FWO in het bijzonder, is een pluspunt.
Selectie- en benoemingsprocedure
(Her)benoemingen van
onafhankelijke bestuurders worden voorgedragen door leden van het Bureau van de
Raad van Bestuur en/of het uitvoerend management. Het Bureau van de Raad
van Bestuur onderzoekt of de kandidaat beantwoordt aan de
onafhankelijkheidsvoorwaarden en het profiel van onafhankelijk
bestuurder. Bij herbenoeming zal het Bureau tevens ook de vorige mandaatperiode
evalueren op basis van het vastgelegde profiel. Op basis van dit onderzoek
wordt de kandidaat door de Raad van Bestuur al dan niet (her)benoemd
overeenkomstig de statuten.
4. Vorming van bestuurders
Nieuwe bestuurders ontvangen een
pakket dat bestaat uit de belangrijkste beleidsdocumenten met minstens de
volgende documenten: de samenwerkingsovereenkomst, het beleidsplan, het meest
recente jaarverslag en de bestedingsanalyse en een uitgebreid onderhoud met de
voorzitter van de Raad van Bestuur en de secretaris-generaal. Bestuurders die
nood hebben aan bijkomende informatie over de werking van het FWO kunnen deze
vragen stellen aan de voorzitter van de Raad van Bestuur en/of de
secretaris-generaal. Zij ontvangen deze informatie via een formele nota aan de
Raad van Bestuur of via elektronische weg.
5. Evaluatie van de Raad van Bestuur
Om de vier jaar wordt
onderleiding van de voorzitter de rol, de omvang en de samenstelling van de
Raad van Bestuur geëvalueerd.
Met betrekking tot de interactie
met de Vlaamse overheid, wordt er vijfjaarlijks, voor het verstrijken van de
lopende samenwerkingsovereenkomst, de algemene werking van het FWO en in het
bijzonder de werking van de bestuursorganen geëvalueerd aan de hand van in
de samenwerkingsovereenkomst vooropgestelde operationele doelstellingen en
indicatoren op basis van artikel 22 van het decreet betreffende de organisatie
en financiering van het wetenschaps- en innovatiebeleid van 30 april 2009.
De interactie met het uitvoerend
management wordt jaarlijks geëvalueerd tijdens de evaluatie van de
secretaris-generaal door de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voormalige
voorzitter van de Raad van Bestuur.
PRINCIPE 4: De Raad van Bestuur
van ieder extern verzelfstandigd agentschap kwijt zich op een doeltreffende en
efficiënte manier van zijn taken en levert zodoende een waardevolle
bijdrage tot de realisatie van de doelstellingen van het agentschap.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe?
De beslissingen van
de Raad van Bestuur worden voorbereid door zijn Bureau. Volgens de richtlijnen
en procedures door de Raad van Bestuur vastgelegd, stelt het Bureau de
toekenningen van de individuele mandaten en kredieten voor op basis van de door
de expertpanels voorgestelde wetenschappelijke prioriteiten en rekening houdend
met de budgettaire mogelijkheden. Binnen de prioriteiten door de expertpanels
voorgesteld, werken de bestuursorganen een wetenschapsbeleid uit.
De Raad van Bestuur
vergadert twee maal keer per jaar en het Bureau van de Raad van Bestuur minstens
zes maal per jaar, maar indien noodzakelijk kan de vergaderfrequentie worden
verhoogd. De Raad van Bestuur is een collegiaal orgaan. De voorzitter zorgt
voor opbouwende discussies en leidt de Raad van Bestuur met zachte maar kordate
hand naar consensusbeslissingen.
1.
Agenda van de Raad van Bestuur
De
voorzitter legt samen met de secretaris-generaal de agenda van de vergaderingen
vast. De agenda en de documenten worden twee weken voor de zitting aan de leden
van de Raad van Bestuur bezorgd. De agendapunten zijn in
grote lijnen als volgt opgedeeld: Goedkeuring van de notulen van de vorige
vergadering, mededelingen Bureau, andere agendapunten per onderwerp, varia en
bepaling datum volgende vergadering. Per
onderwerp is er, indien relevant, een bijkomende nota. Deze nota geeft
uitgebreide informatie m.b.t. het te behandelen onderwerp, m.n. een korte
schets van de context, een weergave van de besprekingen in het Bureau van de
Raad van Bestuur, de werkgroep onderzoeksbeleid en/of auditcomité en de
vermelding of het gaat over een punt ter informatie, ter beraadslaging of ter
besluitvorming. Deze nota’s aan
de Raad van Bestuur zijn goed voorbereid en bevatten voldoende elementen om de
leden in staat te stellen een doordachte en goed geïnformeerde beslissing
te nemen.
2.
Informatiedoorstroming bestuurscomités
De notulen van alle
bestuurscomités (o.a. Bureau, expertpanels, auditcomité,
…) zijn beschikbaar voor inzage. De Raad van Bestuur krijgt de
lijst van de evaluaties van alle ingediende dossiers. Belangrijke discussiepunten
worden expliciet voorgelegd aan de Raad van Bestuur.
3.
Discretieplicht
De discretieplicht waaraan de
Raad van Bestuur gehouden is, houdt in dat zij geen vertrouwelijke informatie
mag doorgeven aan derden.
4.
Notulen
De regels voor de
besluitvorming zijn vastgelegd in de statuten van de stichting. Van elke
zitting van de Raad van Bestuur worden notulen gemaakt, met daarin de
besprekingen en de beslissing, inclusief expliciet voorbehoud, indien van
toepassing, en waar nodig de hierbij horende achtergrondinformatie en de
gemaakte afspraken. De beslissingen worden geregistreerd in een register.
Intern wordt na elke vergadering van de Raad van Bestuur, naast het verslag,
een opdrachtenlijst bijgehouden, voor het uitvoeren van de beslissingen.
5.
Secretaris van de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur
benoemt, volgens het aanwezigheids- en meerderheidsquorum, buiten zijn leden
een secretaris voor een periode van 6 jaar, eventueel hernieuwbaar. De
secretaris verzorgt, onder de voorwaarden bepaald door de Raad van Bestuur,
waaraan hij of zij verantwoording verschuldigd is, het dagelijks bestuur van
het FWO. De secretaris neemt ook het secretariaat op zich van de zittingen van
de Raad van Bestuur en van het Bureau. Met een meerderheid van tweederde van de
stemmen kan de Raad van Bestuur de secretaris die hij heeft aangesteld, de
titel van secretaris-generaal verlenen. De secretaris kan, volgens het
aanwezigheids- en meerderheidsquorum, op elk moment afgezet worden bij
gemotiveerde beslissing van de Raad van Bestuur. Op basis van de
functiebeschrijving wordt de secretaris-generaal jaarlijks geëvalueerd
door de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voormalige voorzitter van de
Raad van Bestuur.
PRINCIPE 5: De Raad van Bestuur
van ieder extern verzelfstandigd agentschap richt gespecialiseerde
comités op die de raad bijstaan in de uitvoering van zijn taken.
Gespecialiseerde comités
De Raad van Bestuur
van het FWO heeft volgende gespecialiseerde comités opgericht:
Bureau van de Raad van Bestuur: Het Bureau onderzoekt alle
aangelegenheden die aan de Raad van Bestuur zullen worden voorgelegd en doet
hieromtrent voorstellen. Het Bureau voert alle taken uit, die de raad het heeft
toevertrouwd.
Het Bureau van de Raad van
Bestuur fungeert als benoemingscomité voor de secretaris-generaal
en de bestuurders en formuleert een voorstel tot (her)benoeming aan de Raad van
Bestuur zoals is bepaald in artikel 12 van de statuten van het FWO, m.n.
“Het Bureau onderzoekt alle aangelegenheden die aan de Raad van Bestuur zullen worden voorgelegd en doet
hieromtrent voorstellen”.
Het Bureau van de Raad van
Bestuur fungeert ook als renumeratiecomité. Tevens heeft de Raad
van Bestuur in het arbeidsreglement van het FWO van 1 januari 2010 de
salarisschalen vastgelegd. Deze salarisschalen zijn de salarisschalen zoals
deze worden bepaald in bijlage 5 van het Besluit van de Vlaamse regering van 13
januari 2006 houdende vaststelling van de rechtspositie van het personeel van
de diensten van de Vlaamse overheid.
Werkgroep
onderzoeksbeleid: Deze werkgroep bestaat uit de onderzoeksverantwoordelijken van
de Vlaamse universiteiten. Deze werkgroep
heeft als functie een denktank en klankbord te zijn om nieuwe initiatieven,
belangrijke hervormingen, aanpassingen reglementen enz. voor te bereiden en af
te toetsen.
Auditcomité:
Bestaande
uit de voormalig voorzitter van de Raad van Bestuur en twee raadsleden,
voornamelijk personen uit financiële middens met voldoende expertise ter
zake. Dit auditcomité onderzoekt de begroting, de rekeningen en alle
aspecten van de administratieve werking om de Raad van Bestuur voor te lichten
om de financiële risico’s te beperken.
Raadgevend
comité voor de financiën: Dit comité adviseert de Raad van Bestuur in verband met
het financieel beheer van het eigen vermogen van de privaatrechtelijke
stichting van openbaar nut FWO. Het intern reglement wordt bepaald door
de artikels 15 en 16 van de statuten van het FWO.
Expertpanels: De Raad van Bestuur
wint advies in van Expertpanels. De raad bepaalt het aantal en de samenstelling
en benoemt de leden, binnen de krijtlijnen van de beheersovereenkomst. De
panels brengen aan de raad verslag uit over de uitvoering van de opdrachten die
hun werden toevertrouwd.
Er zijn 29 gewone expertpanels en
1 interdisciplinair panel. De gewone panels bestaan elk uit zestien leden[1]
verbonden aan universiteiten of instellingen voor wetenschappelijk onderzoek,
aangeduid door de Raad van Bestuur, waarvan er zeven tot een instelling van de Vlaamse
Gemeenschap behoren of tot de Nederlandse taalrol van een federale instelling,
en de andere 9 experts zijn wetenschappelijk actief buiten Vlaanderen. Het
interdisciplinair expertpanel bestaat uit 11 permanente experts, aangeduid
volgens dezelfde procedure als voor de gewone panels, aangevuld met
disciplinespecifieke experts uit de andere panels in functie van de ingediende
dossiers.
Voor het beoordelen van aanvragen
voor kredieten voor wetenschappelijke contacten en coördinatie wordt er
een beroep gedaan op de commissie internationale wetenschappelijke contacten.
Voor andere specifieke zaken kan
er een beroep gedaan worden op een ad hoc commissie bestaande uit ter zake
bevoegde experts.
PRINCIPE 6: Ieder extern
verzelfstandigd agentschap beschikt over een professioneel en
geresponsabiliseerd uitvoerend management dat instaat voor de operationele
leiding van het agentschap.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe?
Artikel 14 van de
statuten van het FWO bepaalt dat de secretaris-generaal, onder de voorwaarden
bepaald door de Raad van Bestuur, waaraan hij of zij verantwoording
verschuldigd is, het dagelijks bestuur van het FWO verzorgt. De
secretaris-generaal staat in voor de uitvoering van de beslissingen van de Raad
van Bestuur.
De
secretaris-generaal
- neemt op een integere manier de leiding op van het FWO.
- bereidt ten behoeve van de Raad van Bestuur om de 5 jaar
het beleidsplan en de samenwerkingsovereenkomst voor. Staat ter
beschikking voor het aanleveren van de informatie ten behoeve van de
evaluatie van de instelling.
- stelt jaarlijks een jaaractieplan op, met financiële
en budgettaire implicaties (= de begroting en de toelichting).
- bereidt de jaarrekening voor en legt deze voor aan de Raad
van Bestuur, na advies en onderzoek door het auditcomité. De
toelichting legt het verband met de betrokken begroting.
- neemt de verantwoordelijkheid op om degelijke interne
controlesystemen uit te bouwen. De bedrijfsrevisor beoordeelt dit systeem
en rapporteert aan de Raad van Bestuur en het auditcomité,
ondermeer door een rapport over de aangegane verbintenissen (informatie
over het risicoprofiel).
- evalueert jaarlijks de uitvoering van de
samenwerkingsovereenkomst en de bestaande procedures en legt
verantwoording af aan de Raad van Bestuur.
De leden van de Raad
van Bestuur worden voldoende geïnformeerd om hun taak naar behoren te
kunnen uitvoeren, ondermeer door het auditcomité. De nota’s aan de
Raad van Bestuur zijn voldoende gestoffeerd om de leden in staat te stellen een
doordachte en goed geïnformeerde beslissing te nemen. Als de bestuurders
bijkomende informatie vragen wordt deze informatie bezorgd via nota op de
volgende zitting van de Raad van Bestuur of tussendoor via mail.
PRINCIPE 7: Ieder extern
verzelfstandigd agentschap waarborgt een passende openbaarmaking van de
principes inzake deugdelijk bestuur die worden nageleefd.
Hoe geeft het FWO invulling aan dit principe?
Het FWO maakt via
onderhavig charter bekend hoe invulling wordt gegeven aan de principes van
deugdelijk bestuur.
Het charter
deugdelijk bestuur zal jaarlijks worden geactualiseerd, zodat het op elk
ogenblik een correct beeld geeft van het extern verzelfstandigd agentschap.
Het charter wordt
gepubliceerd op de website van het FWO. Meer specifieke informatie omtrent de
besluitvorming, de adviesverlening en de gehanteerde criteria, per actiemiddel,
worden eveneens gepubliceerd.
De FWO neemt vanaf 2010 een hoofdstuk op in zijn jaarverslag
waarin alle relevante gebeurtenissen op het
vlak van deugdelijk bestuur worden weergegeven.