Profiel van de goede promotor

Het FWO verbindt bepaalde verwachtingen aan de (co)promotor van een FWO-onderzoeksproject of FWO-onderzoeksmandaat. Bij aanvaarding van een dergelijk promotorschap verbindt de (co)promotor zich in elk geval tot het voldoen aan de voorwaarden, verantwoordelijkheden en taken die hieronder worden vermeld.

De (co)promotor (zowel in de betekenis van de promotor van een promovendus als in die van de hoofd- of medeverantwoordelijke van een onderzoeksproject van het FWO)

1. Wetenschappelijke competenties

  • is zelf actief in het wetenschappelijk onderzoek op een hoog academisch niveau;
  • situeert zich in een onderzoeksdomein dat voldoende aansluit bij dat van de doctorandus of andere onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject;
  • kan de nodige expertise, infrastructuur en begeleiding bieden;

2. Ontwerp, planning en randvoorwaarden

  • is medeverantwoordelijk voor het ontwerp en de planning van het onderzoek van de onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject en dit in verhouding tot hun onderzoeksbekwaamheid;
  • staat mee in voor een voldoende integratie in de onderzoekseenheid waarin de doctorandus, de postdoctorale onderzoeker en/of andere onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject actief zijn; desgevallend deelt hij die verantwoordelijkheid met de andere verantwoordelijken binnen die eenheid;
  • creëert de randvoorwaarden die onontbeerlijk zijn voor het naar behoren functioneren van de doctorandus, de postdoctorale onderzoeker en/of andere onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject;

3. Overleg, evaluatie en bijsturing

  • begeleidt het onderzoek van de doctorandus en voorziet in een voldoende aantal contactmomenten om aspecten daarvan grondig te bespreken; de mate van begeleiding van andere onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject beantwoordt aan hun aandeel in dat project;
  • evalueert de prestaties van de onderzoekers voor wie hij verantwoordelijkheid draagt en stuurt tijdig bij indien nodig;

4. Publicaties

  • draagt er zorg voor dat de doctorandus de resultaten van zijn onderzoek publiceert als die daarvoor rijp zijn, maar voorkomt ook de publicatie van resultaten die daarvoor (nog) niet geschikt zijn of in een vorm die niet beantwoordt aan de algemeen aanvaarde standaarden van het wetenschappelijk onderzoek; dit geldt ook t.a.v. postdoctorale onderzoekers in verhouding tot hun meer gevorderde onderzoeksbekwaamheid en voor de andere onderzoekers verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject indien hun aandeel in het project dat verantwoordt;
  • informeert de onderzoekers onder zijn verantwoordelijkheid voldoende over de verantwoordelijkheid die zij dragen voor de bijdragen die zij aan een publicatie hebben geleverd en draagt ook zelf de verantwoordelijkheid die aan (mede)auteurschap verbonden is;
  • draagt er zorg voor dat de doctorandus en de postdoctorale onderzoeker erkend worden als (co)auteur van publicaties die (mede) gebaseerd zijn op hun onderzoek en door hen (mede) geschreven, en dat de doctorandus en de postdoctorale onderzoeker, bij meerdere auteurs, in de auteurslijst de plaats krijgen die beantwoordt aan hun aandeel in de publicatie; dit geldt desgevallend ook t.a.v. de andere onderzoekers die verbonden zijn aan zijn FWO-onderzoeksproject;
  • bij dit alles wordt rekening gehouden met de geplogenheden binnen het vakgebied, maar wordt in elk geval maximaal kans gegeven aan de doctorandi om als eerste of hoofdauteur op te treden;

5. Databeheer

  • zorgt ervoor dat gegevens m.b.t. het onderzoek dat onder zijn leiding plaatsvindt veilig en duurzaam worden bewaard, dit rekening houdend met de eigenheden van het vakgebied en de aard van het onderzoek;

6. Opleiding en professionele ervaring

  • kijkt mee toe op de invulling van de doctoraatsopleiding en het benutten van andere mogelijkheden voor opleiding en professionele ervaring die het doctoraatsonderzoek en/of de latere loopbaan van de doctorandus kunnen bevorderen;
  • introduceert de doctorandus in relevante onderzoeksnetwerken en stimuleert participatie daaraan;

7. Wetenschappelijke Integriteit

  • ziet erop toe dat de doctorandus, de postdoctorale onderzoeker en de andere onderzoekers die zijn verbonden aan zijn FWO-onderzoeksproject de algemeen aanvaarde normen van het integer wetenschappelijk onderzoek naleven;

leeft zelf die normen ook na én staat in voor een klimaat waarin deze normen het gedrag van alle betrokkenen sturen.