Financiering

COST vergoedt in principe de reis- en verblijfkosten van deelnemers aan COST-acties in de volgende gevallen:

  • de deelname van (maximaal twee) afgevaardigden aan vergaderingen van het management comité;
  • de deelnemers aan de vergaderingen van werkgroepen van een actie;
  • deelname aan plenaire vergaderingen van domeincomités (één per land).

Ook sommige voorbereidende activiteiten van nieuwe COST-acties, publicaties, de organisatie van workshops of conferenties, korte verblijven bij een buitenlandse onderzoekpartner binnen COST-activiteiten,... kunnen door COST worden ondersteund.

COST voorziet gemiddeld 130.000 euro per jaar voor netwerking, afhankelijk van het beschikbare budget en het aantal deelnemende landen.

Enkele voorbeelden:

  • vergoeding voor deelname aan een vergadering: 800 € per deelnemer
  • aantal Short Term Scientific Missions (STSM) per jaar per COST-actie: 5 tot 10
  • vergoeding voor 1 STSM: 1 800 €
  • ondersteuning voor organisator: 30 € per deelnemer per vergadering
  • ondersteuning voor website: tot 4.500 € voor 1ste financiële periode

Meer informatie over de kosten die in aanmerking komen en de voorwaarden voor de terugbetaling vindt u op de COST-website en in het COST Vademecum.

In uitzonderlijke gevallen kan u voor financiering ook terecht bij het departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) van de Vlaamse overheid:

  • Indien u als deelnemer aan een COST-actie geen beroep kunt doen op terugbetaling door COST, kan de Vlaamse Gemeenschap de reis- en verblijfkosten financieren in de hierboven beschreven gevallen. Deze ondersteuning is evenwel beperkt tot onderzoekers van universiteiten en wetenschappelijke en onderzoeksinstellingen van de Vlaamse Gemeenschap.
  • Binnen bepaalde COST-acties is het gebruikelijk om wetenschappelijke bijeenkomsten en workshops te organiseren waarop de resultaten van de actie worden voorgesteld. In uitzonderlijke gevallen kan u hiervoor financiële ondersteuning aanvragen.
  • Let wel: elke vorm van financiële ondersteuning is steeds afhankelijk van het beschikbare budget.

Voor meer informatie neemt u best contact op met het departement EWI.