Middelzware infrastructuur

Doel?

Onderzoeksinfrastructuur beoogt alle faciliteiten en bronnen die het verrichten van grensverleggend en strategisch basisonderzoek bevorderen, en dit in alle wetenschappelijke disciplines. Hieronder zijn naast wetenschappelijke infrastructuur ook collecties, natuurlijke habitats, corpora en databanken (inclusief de digitale ontsluiting ervan) begrepen.

Middelzware onderzoeksinfrastructuur wordt gedefinieerd als onderzoeksinfrastructuur met een totale financieringskost van tenminste 150.000 euro en ten hoogste 1.000.000 euro (inclusief het niet-recupereerbaar deel van de BTW).

Kenmerken?

  • Periode: 4 jaar, met max. 2 jaar verlengbaar
  • Subsidieerbare organisatie: onderzoeksgroepen van Vlaamse universiteiten. De universiteiten bepalen wie in aanmerking komt om als promotor- woordvoerder of copromotor te kunnen optreden
  • Aanvaardbare kosten:
    • Uitrusting: Kosten voor de aanschaf en de aansluiting van de onderzoeksinfrastructuur of de aanschaf van de onderdelen voor de constructie van de beoogde onderzoeksinfrastructuur, inclusief het niet recupereerbare deel van de BTW. Ook het upgraden, zijnde het substantieel verbeteren, van bestaande onderzoeksinfrastructuur valt eronder;
    • Personeelskosten voor de ontwikkeling en de constructie van de onderzoeksinfrastructuur. Dit omvat ook de personeelskosten voor het upgraden van de onderzoeksinfrastructuur en de kosten voor het personeel voor de bediening of het onderhoud eenmaal de infrastructuur operationeel is;
    • Werkingskosten bestaande uit onderhoudskosten gedurende de hele afschrijvingsperiode, zijnde de kosten voortvloeiend uit onderhoudsovereenkomsten of upgrades van de onderzoeksinfrastructuur en de herstellingskosten aan de uitrusting
  • Subsidiepercentage: 100%
  • Beschikbaar budget voor de huidige oproep middelzwaar: ca 20.415.000 euro
  • Call open: 15 maart 2019
  • Indiening van projectvoorstellen via het e-loket van FWO
  • Deadline transfer van de aanvraag-in-opmaak door de promotor naar de ‘instelling van de promotor’ (= hoofdaanvrager): zie interne deadlines per universiteit
  • Deadline indiening finaal projectvoorstel door hoofdaanvrager: 16 september 2019 om 17u
  • Bekendmaking resultaten: einde maart 2020

Wijzigingen t.o.v. de vorige oproep

  • Conform artikel 11 van de wijziging aan het Decreet houdende wijziging van diverse decreten met betrekking tot het economisch, wetenschaps- en innovatiebeleid, goedgekeurd op 1 maart 2019, kunnen enkel  onderzoeksgroepen van universiteiten aanvragen indienen.
  • De universiteiten organiseren een interne oproep voor middelzware onderzoeksinfrastructuur.
  • Elke universiteit neemt een reglementering rond middelzware onderzoeksinfrastructuur op in een universitair reglement en richt een interne adviescommissie ‘infrastructuur’ op. De samenstelling en de benaming van deze commissie behoort tot de autonomie van de universiteit.

Hoe verloopt de aanvraagprocedure?

  • Elk universiteitsbestuur organiseert een universiteitsbrede oproep voor investeringsinitiatieven voor middelzware onderzoeksinfrastructuur en bepaalt de interne selectieprocedure.
  • Als promotor van het infrastructuurproject bereid je de aanvraag voor via het e-loket van FWO en draag je de aanvraag-in-opmaak over naar je instelling (= de hoofdaanvrager van het voorstel). Gelieve voor interne deadlines en praktische modaliteiten contact op te nemen met de dienst onderzoekscoördinatie van uw onderzoeksinstelling.
  • Je instelling dient het finale project voorstel in bij FWO tegen 16 september 2019 om 17u. Hierin wordt helder aangegeven of er
    • samenwerking is met (een) andere universiteit(en) of met derden;
    • een dergelijke samenwerking met (een) andere universiteit(en), of met derden verder uitgebreid zal worden.
  • Het universiteitsbestuur onderzoekt conform de regeling vastgelegd in haar intern reglement, de finale versies van de ingediende aanvraagdossiers. Er wordt o.a. bekeken of er eventuele interuniversitaire samenwerking mogelijk is, in welke vorm dan ook.
  • Tussen 17 september 2019 en 21 oktober 2019 vindt er bi- en multilateraal overleg tussen de universiteiten plaats om tot maximale samenwerking te komen. De inhoudelijke verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de universiteitsbesturen. Universiteiten dienen echter niet voor alle dossiers onderling informatie uit te wisselen. Aanvragen waarover het universiteitsbestuur oordeelt dat ze hiervoor niet in aanmerking komen, hoeven niet te worden uitgewisseld. Een reden hiervoor kan bijvoorbeeld zijn dat de aanvraag vertrouwelijke gegevens bevat, bijvoorbeeld in het kader van samenwerking met derden. Aanvragen waarin wordt aangegeven dat de uitrusting voor 100% wordt benut, worden wél meegenomen in het overleg, om een volledig overzicht te krijgen van de aanvragen en een potentiële maar nog niet gedetecteerde synergie tussen aanvragen niet a priori uit te sluiten.
  • De  interne Evaluatiecommissie van elke universiteit evalueert de aanvragen, en rangschikt deze op grond van de selectiecriteria op een indicatieve lijst. Deze lijst wordt ten laatste op 3 februari 2020 bezorgd aan FWO.
    Het overleg over de samenwerkingsmogelijkheden dient grondig toegelicht te worden in de motivering van de ingediende voorstellen. Dossiers waarin een inter-universitaire samenwerking (financiering) geldt, worden op de lijst van elk van de betrokken universiteit opgevoerd.
    De universiteiten kunnen overleg plegen indien zou blijken dat er voor interuniversitaire aanvragen partners zijn weggevallen. In voorkomend geval wordt met de promotor de verdere haalbaarheid van de betreffende ingediende aanvraag geëvalueerd en voor akkoord verklaard.
    De universiteiten geven een korte verantwoording van de beslissing over alle ingediende aanvragen (ook de niet voor subsidiëring voorgedragen aanvragen die werden ingediend)
  • De FWO administratie voert een meta-evaluatie uit van de beoordeling die de universiteiten hebben uitgevoerd. Deze steunt op:
    • de beoordeling per universiteit van de indicatieve lijsten met inachtneming van de selectiecriteria;
    • een onderzoek van de werkwijze die de universiteiten hebben gevolgd met het oog op het stimuleren van de inter-universitaire samenwerking en samenwerking met derden.
  • De raad van bestuur van FWO neemt een eindbeslissing tijdens de zitting van maart 2020 over de steunverlening binnen de beschikbare middelen per universiteit voor middelzware onderzoeksinfrastructuurprojecten.

Reglementen en downloads

Contactpersonen in de universiteiten

Algemene vragen over de oproep voor middelzware onderzoeksinfrastructuur of specifieke vragen over het indienen van een aanvraag moeten gericht worden tot de contactpersoon in elke universiteit.

Alle aanvullende inlichtingen kunnen worden bekomen op het secretariaat van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen, Egmontstraat 5 te 1000 BRUSSEL, telefoon 02 512.91.10 of infrastructuur@fwo.be.

Vragen over de werking van het e-loket kunnen gericht worden aan fwohelpdesk@fwo.be

 

Van de verschillende universiteiten worden de gegevens over de oproep en de contactpersonen hierna gegeven: