Ina De Jaeger

Simulatiemodel

Robuuste modellen van de energiehuishouding

Zonnepanelen en windmolens leveren hun stroom niet noodzakelijk op de momenten dat we ze thuis nodig hebben – tijdens het koken, wassen of als we onze elektrische auto opladen. Om vraag en aanbod op lokaal niveau op elkaar af te stemmen, zijn fijnmazige energiemodellen nodig. Ina De Jaeger bestudeert hoe robuust die modellen zijn voor onzekerheden.

Hernieuwbare energiebronnen zoals zon en wind zijn een uitstekende manier om de samenleving duurzamer te maken. Het gebrek aan grootschalige en betaalbare opslagcapaciteit (zoals batterijen) vormt echter een hinderpaal. Want de periode waarin de duurzame stroom wordt geproduceerd, valt vaak niet samen met het piekenergieverbruik van het gemiddelde huishouden. Deze ‘onbalans’ wordt nog versterkt als de woning is uitgerst met een (elektrisch aangedreven) warmtepomp.

Die mismatch bedreigt het elektriciteitsnet, want als ze niet goed wordt aangepakt kan ze voor black-outs zorgen. Dat is ook zo op lokale schaal, temeer omdat het net op wijkniveau steeds meer wordt gevoed door decentrale bronnen zoals zonnepanelen op de daken.

En dus moet op dit niveau de energievraag zo goed mogelijk worden afgestemd op het aanbod. Dat gebeurt onder andere met modellen en simulaties. FWO-onderzoeker Ina De Jaeger werkt bij EnergyVille/VITO op deze modellen. In het kader van haar doctoraat brengt ze in kaart hoe bepalend onzekerheden zijn voor de resultaten van de modelsimulaties.

‘Modellen kunnen we uitrekenen en simuleren op de computer’, zegt De Jaeger.‘Maar als we de energiehuishouding en de eigenschappen van individuele huizen en gebouwen in een woonwijk onvoldoende kennen, ontstaan er grote onzekerheden. Met behulp van statistische technieken bekijk ik welke parameters belangrijk zijn, en hoe de onzekerheden erop evolueren binnen onze modellen.’

De Jaeger werkt momenteel met gedetailleerde data van Boxbergheide, een wijk van meer dan 1.200 gebouwen in Genk. Deze ligt vlakbij de EnergyVille-campus, waar De Jaeger enkele dagen per week werkt (de andere dagen werkt ze aan de KU Leuven). ‘Het sociale contact met de andere onderzoekers vind ik echt een verrijking, ook al zijn ze bezig met andere aspecten rond duurzaamheid. Zo word je gedwongen buiten het eigen vakgebied te kijken, en verlies je het ruimere plaatje niet uit het oog.’