Plant-bijennetwerken in kaart brengen

Hoogstwaarschijnlijk heb je wel al eens op zonnige lente- en zomerdagen genoten van het vrolijke, bezige gezoem en rustgevende gebrom van bijen wanneer je in de tuin, het park of een natuurgebied wandelt langs bloeiende planten. Tot deze groep van insecten behoren niet enkel de bekende gedomesticeerde honingbijen, maar ook hun wilde familieleden, die net zo goed naarstig op zoek zijn naar nectar en pollen om voor hun nageslacht te kunnen zorgen.

In België zijn er wel meer dan 370 wilde bijensoorten gekend, die sterk kunnen variëren in uiterlijk, levenswijze (van solitair nestelend tot sociaal levend in kolonies), nestelplaats en bloemvoorkeuren. Ze kunnen soms geestige namen hebben, zoals bijvoorbeeld de pluimvoetbij, de slobkousbij of het roodgatje. Ook de grote, zachtaardige hommels behoren tot de groep van de bijen.

Deze hardwerkende insecten vormen de belangrijkste bestuivers van zowel wilde planten als fruitbomen en land- en tuinbouwgewassen. Ze zijn hierdoor cruciaal voor zowel de productie van gezonde voeding voor de mens als voor het in stand houden van ecosystemen. Door onder andere klimaatverandering, pesticidegebruik, intensivering van de landbouw en de introductie van parasieten hebben de bijen het moeilijk en gaan soorten en populaties achteruit. Men is zich wel steeds meer bewust van deze achteruitgang en er worden nu onder andere meer maatregelen getroffen rond het inperken van pesticidegebruik en het inzaaien (of het niet maaien) van wilde planten in bermen en langsheen akkerranden. Ook worden er bijvoorbeeld meer sensibiliseringscampagnes gedaan rond het bijvriendelijker inrichten van tuinen met wilde hoekjes van inheemse plantensoorten en het plaatsen van bijenhotels.

Tijdens mijn onderzoek probeer ik via veld- en labowerk te achterhalen wat de link is tussen de gezondheidsstatus van wilde bijen en de diversiteit aan plantensoorten waar ze op foerageren, onder meer door naar de parasieten en virussen te kijken van bijen die verzameld zijn en dit te koppelen aan de plantensoorten die ze bezochten om de zogenaamde plant-bijennetwerken in kaart te kunnen brengen. Op deze manier hoop ik een steentje bij te dragen aan onze kennis over interessante voedselplanten en bijengezondheid, zodat de methoden voor het behoud van deze fascinerende en belangrijke dieren verder verfijnd kunnen worden.